Klik hier als u het zelfonderzoek naar knieklachten wilt doen.

Diagnose

tractus tibialis frictiesyndroom

Advies

Knieklachten aan de buitenzijde van de knie worden veroorzaakt door het tractus tibialis frictiesyndroom, kortweg frictiesyndroom of lopersknie genoemd. De tractus tibialis is een lange pees die aan de buitenzijde van het bovenbeen loopt en bij de knie aanhecht. Vlak boven de knie zit een botknobbel (epicondylis) waar deze pees langsschuurt bij het strekken en buigen van de knie. Door dit schuren kan een irritatie of een ontsteking ontstaan aan de pees (tendinopathie), wat de klachten veroorzaakt. Een tendinopathie is in de meeste gevallen een vorm van overbelasting. Deze klacht komt veel bij hardlopers voor. De term lopersknie betekent niet dat andere sporters deze blessure niet kunnen oplopen. Ook andere sporters die veel moeten lopen of springen lopen risico net als fietsers.

De pijn ontstaat geleidelijk aan de buitenzijde van de knie. Kenmerkend is de pijn die men voelt bij het van de trap aflopen. De pijn begint tijdens het sporten en verdwijnt daarna in de beginfase van de klachten nog snel. De pijn is vaak branderig en zeurend en kan doortrekken in het onderbeen. Bij het meer belasten van het been neemt de pijn toe en kan op den duur zo ernstig worden dat het sporten gestaakt moet worden. Breidt deze fase zich verder uit dan treedt de pijn ook in rust op en wordt het bewegen van de knie steeds moeilijker en pijnlijker. Naast pijn kan er ook sprake zijn van een stijf gevoel in de ochtend en na een tijd rust.

Mogelijke interne oorzaken:
- Verminderde kracht en/of lenigheid van de bil- en bovenbeenspieren. Het gaat hier met name om de abductoren (spieren die het been naar buiten bewegen). Hierdoor is de controle bij de landing slechter, waardoor de knie naar binnen kan draaien en de heup naar binnen kantelt.
- Overpronatie, waarbij te veel op de binnenkant van de voet wordt gelopen.
- Leeftijd. Boven de 35 jaar komt deze blessure vaker voor. Spiergroepen raken zwaarder belast en gewrichten worden minder stabiel bij het ouder worden waardoor de pezen eerder problemen geven.
- Omgeving. Het lopen van veel dezelfde bochten en het lopen op een schuine ondergrond, is een risico.
- Overgewicht.

Externe risicofactoren zijn omgevingsfactoren, zoals ondergrond, weersomstandigheden, training en sportuitrusting.

- Training:
Herhaalde bewegingen, bijvoorbeeld lopen, springen of fietsen, waardoor de tractus tibialis steeds weer belast wordt, zijn een risico. Vaak ontstaat een lopersknie nadat de trainingsintensiteit of -omvang is verhoogd. Ook herhaalde bewegingen bij dagelijkse activiteiten kunnen een oorzaak zijn van tendinopathie.

- Sportuitrusting:
Voor de voet en het onderbeen is slecht of niet geschikt schoeisel een risicofactor voor het krijgen van een lopersknie. Het schoeisel dient geschikt te zijn voor het gebruik en voor uw voeten. Daarnaast moet het schoeisel tijdig worden vervangen. Schoenen die 1 à 2 jaar oud zijn verliezen al veel van de schokdempingskwaliteiten.
- Fiets en pedalen Niet goed afgestelde schoenplaatjes (hiel te ver naar buiten, plaatje niet goed onder de bal van de voet) bij fietsers kunnen ook een risico zijn voor een lopersknie net als een verkeerde zitpositie op de fiets (te hoog, te ver naar voren).

Wat kan ik zelf doen als deze blessure ontstaan is?
Reageer alert op pijnklachten tijdens de warming-up. Deze zijn niet normaal en kunnen wijzen op een beginnende blessure.

Omdat een lopersknie het gevolg is van overmatig gebruik of overbelasting van de spier, is het aan te raden geen intensief sportprogramma te gaan volgen als u dit niet gewend bent. Deze overbelasting bestaat uit veel herhalingen van eenzelfde beweging, zoals bij lopen, springen of fietsen, waarbij een gemiddelde kracht gemoeid is. Pezen ontwikkelen het beste door juist een hoge krachtsbelasting, de structuur verbetert en de pees wordt sterker. Daarnaast is na een hoge belasting de ontspanning van de spier veel beter dan na veel herhaalde matige belastingen. Door ontspanning na inspanning hebben de pezen meer herstel en kunnen dus beter ontwikkelen. Deze hoge belasting is te bereiken met excentrisch trainen.
Eventueel kan een fysiotherapeut u de juiste oefeningen leren.

Doortrainen of rust nemen?
Overmatige belasting van het been moet, in eerste instantie, zoveel mogelijk vermeden worden, vooral hardlopen, springen en andere bewegingen met het been vormen snel een te hoge belasting. Rust is zeker in het begin noodzakelijk voor een goed herstel. Daarnaast kunnen verschillende oefeningen gedaan worden om de kracht en flexibiliteit van speciale bovenbeenspieren, de abductoren, te verbeteren.

Alternatieve training
In de eerste stadia zijn alternatieve trainingsvormen mogelijk, denk hierbij aan zwemmen of cardiofitness. Daarnaast zijn activiteiten met het bovenlichaam gewoon mogelijk.

Geschikte oefeningen
De beschreven oefeningen zijn stretchoefeningen en de zogeheten excentrische oefeningen. Deze oefeningen versterken de spieren en daarnaast zorgen ze voor voldoende flexibiliteit. Deze oefeningen worden in de fysiotherapie succesvol toegepast bij de behandeling van het tibialis syndroom, maar kunnen ook preventief worden gedaan.

Oefening, stretchen bovenbeen
Kruis het aangedane been achter niet-aangedane been. Uitademen en de romp opzij bewegen totdat rek wordt gevoeld aan de zijkant van de heup. Met bekken achter-/vooroverkanteling wordt de plaats van rek gevarieerd. De oefening is effectiever met de armen boven het hoofd gestrekt. Houd dit 1 minuut vast en herhaal drie keer, doe dit minimaal eenmaal per dag.

Oefening, been zijwaarts optillen
Ga op uw zij liggen met het aangedane been boven, trek het andere been een beetje op zodat u stabiel ligt. Til het aangedane been op richting het plafond, houd het been goed recht met de hak een beetje richting het plafond. Houd de uiterste stand 2 tellen vast en laat het been heel rustig weer zakken. Doe deze oefening 20 keer achter elkaar, minimaal één keer per dag.

Oefening, excentrische afstapoefening
Dit is een afstapoefening waarbij er van een verhoging afgestapt moet worden, de knie moet netjes recht gehouden worden. Indien mogelijk, doe deze oefening dan voor een spiegel zodat u kunt zien wat u doet. Stap rustig af waarbij uw gewicht 3-4 seconden op het aangedane been rust voordat het andere been de grond raakt. Herhaal dit twintig keer, minimaal één keer per dag.

Oefening, excentrische buigoefening
Bij deze oefening gaat u door het aangedane been zakken, ook hierbij moet de knie netjes recht gehouden worden en is een spiegel handig. Ga op het aangedane been staan en zak rustig, in ongeveer 5 seconden, naar beneden totdat de hoek in de knie ongeveer 90 graden is. zet het andere been bij en kom weer rechtop staan. Herhaal ook deze oefening 20 keer op minimaal één keer per dag.

Koelen
Koelen heeft een pijnstillend effect bij overbelasting. U kunt de pijnlijke plek met een ijsblokje masseren of er een ‘coldpack’ tegenaan houden. Doe dit maximaal tien minuten per keer. Om te zorgen dat er geen bevriezing van de huid optreedt, legt u een doek tussen het ‘coldpack’ en de huid.

Professionele behandeling
Wanneer u veel last van uw blessure heeft, of wanneer uw eigen maatregelen na 2 tot 4 weken nog geen verbetering geven, is het verstandig een deskundige om advies te vragen. U kunt hiervoor terecht bij de huisarts, een Sportmedisch Adviescentrum (SMA) of een (sport)fysiotherapeut. Ook wanneer u twijfelt over de aard van uw blessure of zich ongerust maakt, is het verstandig een arts of fysiotherapeut te raadplegen.

Meer informatie
Informatie van het kenniscentrum arbeid en klachten van het bewegingsapparaat.
Informatie over sport en gezondheid
De informatie van deze pagina is grotendeels vergenomen van: gezondvgz